jjb adres
De opbouw van de school

De JJ Boumanschool is opgebouwd in drie fasen.

tweede fase:

De nadruk in deze fase ligt op de Arbeidsvoorbereiding en de Redzaamheid.
Praktische vaardigheden worden verdiept, bij de theoretische vaardigheden komt de nadruk meer op redzaamheid te liggen.
In deze fase nemen de interne stages, arbeidssimulaties, op school een belangrijke plaats in.

De tweede fase bestaat uit leerjaar drie en vier. Er zijn vier of vijf  tweede fase groepen.
De leerlingen zijn verdeeld over  meisjesgroepen en  jongensgroepen.
De leerlingen in deze groepen zijn over het algemeen 14 en 15 jaar. 

De vakken die in deze fase worden gegeven zijn:

  • Theorie: een verzameling theoretische vaardigheden, wat meer dan in de eerste fase toegespitst is op sociale redzaamheid en toegepaste theorie
  • Koken: vaardigheden op het gebied van koken en bakken
  • Verzorging: kinder-, uiterlijke-, en huishoudelijke verzorging
  • Bouwtechniek: technieken en toepassingen die met hout en bouwkunde te maken hebben
  • Metaaltechniek: technieken en toepassingen op het gebied van metaalbewerking en motorvoertuigentechniek
  • Groen; van tuin/kaswerkzaamheden tot bloemschikken.
  • Winkel en detail: technieken en vaardigheden gerelateerd aan winkel en detailhandel. 
  • Afwerkingstechniek: schilderen en afwerkingtechnieken
  • Werkplekken: toegepaste praktische vaardigheden gerelateerd aan werk
  • Gymnastiek: lichamelijke opvoeding, sport en spel
  • ICT: diverse computervaardigheden en leren omgaan met de PC, internet en social media.
  • VCA: is een (voor velen) noodzakelijk veiligheidscertificaat om mmeer kans te maken op de arbeidsmarkt.
  • De verdeling in meisjes en jongensgroepen maakt het mogelijk om beter te differentiëren in vakaanbod.

CERTIFICERING in FASE 2

Sinds 2017 zijn we gestart met een lesblok certificering waarin (3e)4e jaars leerlingen in kleine groepjes gericht werken richting het behalen van branchegerichte certificaten.
De leerlingen hebben één specifiek lesblok specifieke scholing in één van de 6 onderstaande richtingen:

A - BAS/KAS
B - SVA1(+2) assistent schilder
C - Houtbewerking
D - Winkel en Detail
E - Werken in de schoonmaak
F - Metaalbewerking

 A BAS/KAS (bedieningsassistent & kookassistent)

Bedieningsassistent (B A S) 
Er is veel behoefte aan goed opgeleide, vakbekwame medewerkers in de HORECA. Werken in de bediening is meer dan serveren van eten en drinken. Beleving, service en gastvrijheid is wat gasten verwachten. Met deze opleiding kun je met veel zelfvertrouwen een nieuwe uitdaging aangaan. Met de opleiding  (BAS) krijg je voldoende kennis en vaardigheden om in de toekomst in de HORECA aan de slag te gaan.Je leert onder andere serveertechnieken, HACCP en het professioneel omgaan met gasten.

Keukenassistent (K A S)
Er is veel behoefte aan goed opgeleide, vakbekwame medewerkers in de HORECA. De gast verwacht steeds betere producten en dienstverlening in de HORECA. Als kok lever je hier een grote bijdrage aan. Daarom is het belangrijk om met deze opleiding voldoende kennis en vaardigheden op het kookgebied op te doen. Met deze KAS opleiding kun je met veel zelfvertrouwen elke dag deze nieuwe uitdagingen aangaan. Je leert onder andere HACCP, mise-en-place, snijtechnieken en beroepstermen

B SVA1 en SVA2 Schilderen

SVA 1 geeft een richtlijn voor het leren van arbeidsmatig handelen door de leerling. Dit opleidingstraject vindt plaats op school of op een externe leerwerkplek van de school. De begeleiding wordt verzorgd door
de medewerkers van de school zelf. Dit is het criterium voor SVA 1.Afhankelijk van de mogelijkheden van de leerling en van de school kan het opleidingstraject afgesloten worden met een certificaat SVA 1. 
Bij SVA 1 vindt examinering plaats op de eigen school of op de betreffende externe leerwerkplek van de school. Soms is er sprake van een beschutte werkomgeving. Bij certificering voor SVA 1 gaat het om algemene beroepsvaardigheden én om specifieke vakkennis en vaardigheden. De werkzaamheden die binnen het opleidingstraject SVA 1 aangeboden worden, kennen een directe relatie met de werkzaamheden in de beroepspraktijk. Het examen wordt afgenomen door een observant
van het SVA Examenbureau in aanwezigheid van de docent.

SVA 2 bouwt voort op het opleidingstraject van SVA 1 en geeft een richtlijn voor arbeidstoeleiding naar echt werk. Afhankelijk van de mogelijkheden van de leerling en van de school kan dit afgesloten worden
met een certificaat SVA 2.Bij SVA 2 geldt dat een leerling met succes een externe stage van minimaal 30 dagen doorloopt.
Daarnaast dient de leerling begeleid te zijn door een medewerker van het betreffende stagebedrijf.Het stagebedrijf dient de stage positief te beoordelen. In principe zijn de stagetrajecten individueel.
De examinering vindt plaats op de externe stageplek, dus in de beroepspraktijk, door een observant van het SVA Examenbureau in aanwezigheid van de docent en eventueel de praktijkopleider.
Bij SVA 2 is er altijd sprake van een werkgever-werknemersituatie. Bij een certificaat SVA 2 heeft de leerling namelijk aangetoond dat hij de vaardigheden in de beroepspraktijk kan uitoefenen.

C Houtbewerking

De certificering die voor het vak houtbewerking kan worden behaald, bestaat uit 3 delen. Elk deel heeft dezelfde indeling. Theorie; over uitleg van b.v. handgereedschappen, machines en materialen. Technisch tekenen; over de basisvaardigheden van het tekenen en tekening lezen en Praktijk; waar een aantal werkstukken worden gemaakt. In de werkstukken licht de nadruk op het leren lezen van tekeningen en basisvaardigheden aanleren die nodig zijn om hout te kunnen bewerken.
Alle hoofdstukken worden afgesloten met een toets. Elk deel wordt afgesloten met een eindtoets van theorie en een eindtoets van praktijk. Na het afronden van alle drie delen wordt er een echt eindexamen afgenomen zowel in de theorie en de praktijk.
Na het voldoende afronden van beide onderdelen wordt een landelijk erkend branche-certificaat uitgedeeld aan de deelnemer. Dit certificaat wordt uitgedeeld door de Stichting ‘Houtdatwerkt’ en sluit aan op de reguliere mbo-opleiding Entreeopleiding. 

D Winkel en Detail (SVA1 en 2)

Bij de opleiding Winkel & Detail werkt de leerling aan de ontwikkeling van zowel de algemene beroepsvaardigheden als de specifieke vakkennis en vaardigheden. De leerling wordt voorbereid op het assisteren bij uitvoerende werkzaamheden in de winkelbranche. Er wordt gewerkt met de methode KIEM, een praktische leermethode voor een aankomend winkelmedewerker, waarin de theorie wordt afgewisseld met praktijkopdrachten.

Wat doe jij in de winkel? (SVA 1)Bij het opleidingstraject voor SVA 1 ligt de nadruk op arbeidsvoorbereiding. De uitgave van Kiem “Wat doe jij in de winkel?” vormt een basis voor het aanleren van vakkennis en vaardigheden, die passen bij het werk in een winkel.

Aan ’t werk in de winkel (SVA 2)Bij certificering voor SVA 2 ligt het accent op arbeidstoeleiding. Aan 't werk in de winkel is de uitgave van Kiem, waarbij de leerling extern stageloopt. Belangrijk is de directe koppeling tussen theorie en praktijk. Op school houden de leerlingen zich bezig met de theorie en werken ze aan hun E-portfolio, een digitaal programma waarin stagebeoordelingen, werkervaring, toetsuitslagen en andere bewijzen van prestaties worden opgenomen. Bij voldoende bewijs wordt het E-Portfolio beoordeeld door KCH (Kenniscentrum Handel) en na goedkeuring kan het praktijkexamen worden aangevraagd bij KCH. Als de leerling slaagt, ontvangt hij/zij het branchegerichte certificaat “Aankomend Winkelmedewerker”, dat wordt ondersteund en erkend door de detailhandel.

E Werken in de schoonmaak traditioneel

Er is veel behoefte aan goed opgeleide mensen in de schoonmaak branche. Schoonmaken in de groothuishouding is immers een onderdeel van vele verschillende werkvelden. Bij de opleiding Werken in de schoonmaak traditioneel ligt de nadruk op het leren werken middels een vaste werkvolgorde , een goede ergonomie (houding), veiligheid en dit alles binnen een zo kort mogelijke tijd. Daarnaast wordt er uitgebreid aandacht besteed aan de theoretische kennis van schoonmaak producten, hygiëne en het omgaan met klanten.
 
De certificering bestaat uit vier onderdelen die deel uitmaken van de dagelijkse schoonmaak van kantoren/bedrijven: 
* Sanitair. De kandidaat leert een sanitaire ruimte te reinigen en moppen. 
* Interieur. De kandidaat leert kantoren/bedrijven te reinigen en stofzuigen. 
* Stofwissen. 
* Enkelvoudig moppen. 
In al deze vier onderdelen wordt examen gedaan in zowel de praktijkonderdelen als de theorie. Dit examen wordt op school afgenomen door een externe examinator. Bij voldoende resultaat behaald de kandidaat dan het SVA1 certificaat Werken in de schoon

F Metaalbewerking (SVA1)

De metaalbranche is een groot vakgebied. Veel constructies worden van metaal gemaakt en daarna ook onderhouden. 
Denk maar aan bruggen, auto’s, fietsen, wasmachines, e.d. 
Je houdt in je eigen theorie-map een portfolio bij, waarin jij je praktische vaardigheden telkens toetst en bewijst. 
Na elke toets wordt de portfolio ondertekent door de docent.
In deze cursus leer je alle basisvaardigheden van metaalbewerking. Als je de 11 modules uit de theorie-map met voldoende resultaat doorloopt, dan ga je, aan het eind van het jaar, het praktijkexamen ‘Basisvaardigheden Metaalbewerking’ maken. 
Daar komt dan ook een examinator uit de metaalbranche bij kijken en beoordelen.
Als je in bezit komt van dit certificaat dan kun je binnen een metaalbedrijf b.v de monteur, lasser of schadehersteller assisteren bij veel voorkomende werkzaamheden. 
Na een aantal jaren werkervaring kun je diverse werkzaamheden ook zelfstandig uitvoeren.